We hebben het zo druk dat we ons niet bewust zijn van de datum. We zijn hier alweer 2 jaar. We hebben het er nog wel over gehad maar dat was al veel eerder.
Het eerste jaar was een experimenteer jaar. Alles was nieuw. Het wennen aan elkaar. De seizoenen. De gewoontes. Alles werd geabsorbeerd. We wilden niks missen.
Het 2de jaar was een herhalingsjaar. We wisten wat er komen ging. Slachten van de varkens. De nieuwigheid was er af. We hoefden niet zo nodig. Het onkruid groeide gewoon door, de zaden moesten gezaaid worden en ook de druiven moesten er af.
We gingen het 2de jaar in met veel ideeën. Goede voornemens.
Maar eigenlijk hadden we beter moeten weten. Hier valt niks te plannen.
Er waren wel gasten. Leuke, interessante, gezellige en lieve mensen.
En ook hebben we weer meer contacten gelegd met Hongaren en Nederlanders.
We zitten er nog en we blijven hopen. Op betere tijden. Op een schip met geld. Op een taal die we een keer, nou vloeiend hoeft niet maar, beter kunnen spreken.
Op naar het 3de jaar. En deze keer gaan we geen goede voornemens uitspreken. We zien wel wat er komen gaat. We laten het over ons komen en zullen er het beste van maken samen met iedereen die ons lief is.
Moeder Natuur
Familie en vrienden zeggen wel eens dat we het toch maar lekker hebben zo. Heerlijk zelfstandig en geen baas boven je. No way. Onze baas heet Moeder Natuur.
Ze kan streng zijn. Als je denkt dat het gaat regenen en je geen zin hebt om water te geven laat ze het nog een paar dagen droog en zijn je plantjes dood.
Maar soms ook aardig. Als je een grote wolk aan ziet komen en je haalt snel de was binnen laat ze het daarna pas regenen.
Soms doet ze het tegelijk dan weer regen, een beetje pesten eigenlijk, dan weer zon zodat al je plantjes als een gek de grond uit schieten. Maar dan laat ze het onkruid eerst groeien.
Etenstijd geeft ze niet zo veel om want ze kan wispelturig zijn. Als je net een hap naar binnen hebt begint ze te stormen. Dan weet je dat er ander weer op komst is en moet je snel alles binnenhalen.
Ze beloont je, als je je best doet, met de prachtigste bloesem en de lekkerste vruchten en groente. Ze laat de mooiste vogels en vlinders vliegen en het ongedierte geeft ze soms ook nog een kleurtje mee.
Maar als je denkt dat je haar kent komt ze onverwachts met een felle bliksem om je wakker te houden. Dan zit ze boven en gniffelt:”had ik je toch nog even tuk!.”
Prins
Soms heb je van die onverwachte gasten die je eigenlijk niet wil hebben.
Zo ook deze gast.
Hij kan absoluut niet tegen veel gepraat. Dan begint ie luid te brullen.
Gelukkig is hij er niet het hele jaar door. Maar laat wel duidelijk blijken dat ie er is.
Blij toe hoeven we geen bed of onderdak te regelen voor ‘m. Hij zit meestal in de dakgoot.
Vandaar dat het gebrul altijd zo blikkerig overkomt.
We vragen ons altijd af waar ie in de winter zit. Maar moeder Natuur zorgt goed voor ‘m.
Mochten we hem es willen begroeten dan springt ie er al snel vandoor.
Jammer. Ik zou wel es willen weten of we misschien toch een prins in onze dakgoot hebben…
Sport
De Nederlanders staan bekend om hun zuinigheid.
Hier merk je dat absoluut vooral als het gaat om zaden scoren. Dan wordt er actief met de Hongaren geruild. En als het even kan de zaden van de bloemen en planten bewaard voor het volgende jaar.
Wij hebben dat eigenlijk nooit gedaan. Maar als je er bij wilt horen moet je dat wel doen natuurlijk.
Je wordt dan ook meewarig aangekeken als je geen zaden hebt bewaard. Maar er wordt dan wel, heel gul, met je gedeeld met de oogst.
Met een maar-wel-zaaien-en-ook-bewaren-zodat-je-volgend-niet-weer-komt-zeuren-blik ben ik aan de Afrikanenzaadjes, een mengsel van veldbloemen en meloenenpitten gekomen.
Nou ja, misschien bedoelen ze het wel niet zo letterlijk.
Iedereen vindt het een sport en daar doe ik dan ook rustig aan mee.
Je hoeft geen contributie te betalen, sportkleding niet vereist en je kunt gewoon thuis blijven.
Ach, ik had nog een veldje vrij van 15 x 17 m. Dus daar zouden de meloenen komen.
Gelukkig heb je per plant een m2 nodig.
Maar eerlijk is eerlijk je bent, na 13 x 17 pootgaatjes = 221 bukoefeningen, echt gebroken.
Absoluut een sport!.
Zondagje Nederlands.
Lekker naar de markt! Even, nou ja even dat doe je niet zomaar, naar de markt in Lajosmisze.
Het is een drukte van belang. Voor het eerst parkeergeld/toegangsgeld betaalt. Ze hebben het ook ontdekt hoe je kan profiteren van dit soort dingen. Ach Huf. 200,00 is natuurlijk niet zo veel.
We hebben ons eerst door de kramen met kleding geworsteld. Het wordt weer voorjaar/zomer dus er moeten weer nieuwe garderobes gekocht worden.
En alles ligt in van die camping kinderledikantjes met van dat gaas aan de buitenkant. Wel handig hoor. Is goed te zien zo.
Daarna het ondergoed, ruim vertegenwoordigd en zeer sexy. Dus Tom en Fred konden hun ogen er niet af houden.
Tja, daarna de schoenen en het werd iets leuker, het eten.
En dan komt het leukste voor the boys. De oude meuk.Van handvat, schroeven tot complete stookketel en alles ertussen in.
En dan de beesten natuurlijk. De jonge hondjes, de kippen, varkens en paarden. Waar de een rustig het paard weer de vrachtwagen in loodst probeert de ander z’n koopwaar in bedwang te houden door af en toe met de zweep te klappen. Nee, daar werd ie niet echt rustig van.
En natuurlijk zijn er Nederlanders. Bekenden en onbekenden. Maar je haalt ze ertussenuit. Wij proberen altijd zwijgzaam en onopvallend over de markt te lopen. Maar dat lukt niet iedereen. Hier een babbeltje daar een opbeurend praatje. Ach, het is net klein Nederland. Daarna de Tesco voor de wekelijkse boodschappen en dan krijgen we een telefoontje. Onverwachte visite die al bij ons huis is. Nederlanders natuurlijk. Gezellige ontmoeting en op naar de volgende afspraak die we gepland hadden voor die middag. Met Nederlanders natuurlijk.
’s Avonds zijn we doodop. Weer een drukke zondag voorbij.
He, gezellig!