Rekeningen

Weer een aantal acceptgiro’s ontvangen vandaag. Tegen die tijd dat ze betaald worden ga ik ermee naar het postkantoor en betaal ze contant. Je kunt ze ook via internet direct aan de bank betalen. Maar de meeste mensen hebben hier in tegenstelling tot Nederland geen internet of bankrekening. Dat kost allemaal geld. En dus zullen er altijd acceptgiro’s verstuurd worden.
Zelfs de rekeningen voor de gemeente moeten contant betaald worden. Je haalt daarvoor bij de gemeente een acceptgiro op en gaat hier weer mee naar het postkantoor.
Aan het einde van de maand staan er altijd rijen wachtende bij het loket van de gemeente om hun uitkering in een envelopje te ontvangen als ze geen bank hebben. De kroeg op de hoek zit op die dag vaak behoorlijk vol.
Gister toevallig op tv een programma gezien over omgaan met geld. Met als eregast Prinses Maxima. Die trouwens niet mee deed met de vragen. Jammer!
Gespaard moet er worden in Nederland. Maar een beetje trendy telefoon kost toch al tegen de € 500,00. En als je dan mee wilt doen wat dan?
Het is hier niet aan de orde. Het is overleven van de uitkering van een schamele Huf. 35.000,00 (€ 130,00) per maand voor een heleboel mensen in de winterperiode wanneer er geen werk is. En dan na 3 maanden gewoon niks meer.
En natuurlijk is het levensonderhoud lager. Maar ze willen in 2013 naar de Euro toe en die prijzen moeten hoe dan ook toch stijgen.
Mag manlief dan even naar de kroeg om zijn zorgen te vergeten? Vrouw en kinderen druk aan het rekenen thuis achterlatend. Want er zal toch gegeten moeten worden, de kachel moet branden en als er electra is zal de rekening betaald moeten worden.
Een telefoon van € 500,00? Nee, die bestaan in sprookjes. We doen het nog met de ouderwetse Nokia met de in onze ogen ouderwetse ringtone. Dan zijn we in ieder geval bereikbaar voor mensen die wel geld hebben en ons willen bellen.
Misschien nog niet eens zo’n gek idee voor Nederland.
Salaris weer contact uitbetalen. Op is op!

28 januari 2011 | Reageren niet mogelijk

5 miljoen + 2

Ja, wij kijken ook. Als ze de Nederlanders die in het buitenland kijken er bij op zouden tellen zal het aantal vast nog hoger zijn.
Het kneuterige en de ontluikende vriendschap. Ik vind liefde een beetje zwaar.
Eigenlijk het inhoudsloze aan het programma op de koude zondagwinteravond. Heerlijk! Want waar hebben ze het eigenlijk over? Niets toch?
Op de site kun je nog een leuk tiramisu recept van Annemarie bekijken. Maar educatief is het eigenlijk niet en echt amusement is het ook niet. Tenminste we hebben nog niet echt gelachen ergens om. Wel geglimlacht om de manier waarop een stadsmeisje zich tussen de kandidaten naar voren schuift. En vooral heel veel herhalen dat ze het nog nooit gedaan heeft.
We gaan er ook echt voor zitten. Bakkie d’r bij en laat maar komen.
Maar wat zullen de boeren en boerin wel niet vinden van dit aantal kijkers. Die zijn voor hun leven getekend. Kunnen niet meer over straat. Ze hebben nu een zwijgverbod opgelegd gekregen. Maar volgens mij kunnen ze zich maar beter verstoppen.
Het besef dat er 5 miljoen kijkers naar jou in je onderbroek hebben gekeken. Dat zal toch vast niet de bedoeling zijn. Zou hij er spijt van hebben? Zouden ze van de KRO daar niets van tevoren over gezegd hebben. Jongen, let op dat ziet iedereen hoor. Maar ja de natuurlijke charme zou er dan wel van af zijn. Of misschien vond hij het wel kicken. Of zou het een Jan Smitje van de C & A zijn? Jammer, daarvoor was hij net niet close genoeg in beeld.
Het programma format was in 1983 al bekend bij de Zwitsers. Het heeft een poosje op de planken gelegen. Pas in 2004 toen Nederland er wel wat in zag en het een doorslaand succes bleek hebben andere landen het overgenomen. Het is nu wereldwijd. Van Australië tot Zwitserland. En zelfs Servië en Slowakije hebben zich in 2010 aangesloten bij de boer zoekt vrouw community.
En dan zou het logische vervolg hierop zijn: Boer zoekt vrouw in het buitenland.
Wanneer zou Hongarije zich aansluiten? En dan met Nederlandse kandidates…

25 januari 2011 | Reageren niet mogelijk

Hoor, wie klopt daar

Als ik met Loekie buiten sta, om haar plasje te laten doen, hoor ik het al. Alsof zijn leven ervan afhangt wordt er druk geroffeld op de acaciaboom die we afgezaagd hadden.
Loekie hoort het ook maar ze kan het niet plaatsen. Ten tijde dat ze hier kwam waren ze gevlogen of verstopt.
Ze wil maar niet plassen en kijkt speurend rond. Uit voorzorg begint ze alvast te blaffen.
Ok, zeg ik. We gaan er wel even heen.
Maar dat wat ik verwacht had gebeurt ook. Een prachtige grote bonte specht vliegt met een grote bocht naar de walnotenboom die even verderop staat.
Loekie houdt verbaasd haar bekje dicht en volgt hem met opgeheven koppie.
Zo, zeg ik en wil je nu dan gaan plassen? Maar dat was even te vroeg. Hé, dacht ze waarschijnlijk, dat is wel heel erg leuk speelgoed. Het maakt geluid en er zit beweging in.
Voordat ik er erg in heb schiet ze naar de andere kant richting walnotenboom. Maar dat vindt onze gevleugelde vriend al helemaal niet leuk en ook daar vliegt hij weer uit.
Ik vind het genoeg en kan Loekie nog net tegen houden om de specht achterna te vliegen.
Hoor ik daar nou een zucht ontsnappen? Ze mag inderdaad ook niks die Loekie van ons.
Wat zal dat gaan worden als van het voorjaar de vogels hier allemaal wakker gaan worden.
De nachtegaal, die ’s avonds zo prachtig onze nacht in zingt.
Of de boerenzwaluwen die zo laag overscherend op zoek naar hun maaltijd. Dat zal helemaal een leuk spelletje gaan worden. Maar gelukkig zijn deze zo snel die zal ze zeker niet kunnen pakken.
Ze is laatst wel al opmerkzaam gemaakt door Lana op een fazant en toen zag ik hoe snel ze kan zijn.
Als ze maar van onze Hop afblijft. Die geweldig leuke vogel die ik maar steeds niet gefotografeerd kan krijgen. Hij gaat dan pesterig dichtbij zitten en als ik de camera heb gepakt laat hij mij van een behoorlijke afstand bijna lacherig zijn hop-hop geluidje horen.
Ja, die krijg ik nog wel en daar komt geen Loekie tussen!

| Reageren niet mogelijk

Een beetje fantasie

Van de week kregen we een telefoontje van een gast van vorig jaar. Ze wilde alvast boeken voor dit jaar.
Erg enthousiast kwamen we waarschijnlijk niet over denk ik. Maar naarmate het gesprek vorderde en ze vertelde hoe leuk ze het had gehad, hoe ze de omgeving had ervaren en dat ze er misschien wel aan dacht om hier een huis te kopen, kreeg ze ons weer wakker.
Misschien komt het wel omdat we niet naar de beurzen gaan. Daar worden we wel met het vakantievirus besmet. Altijd leuk om oude gasten te zien en nieuwe enthousiast te maken voor ons plekje.
Ik raakte weer helemaal op dreef toen ze de telefoon neerlegde.
Misschien zou het toch wel leuk zijn om een paar geitjes te kopen. Ze zijn nu wel klein maar dan als van het najaar de bok erbij geweest is en dan volgend voorjaar van die kleintjes die rondhuppelen en dan hebben we ook melk en kunnen we geitenkaas maken.
En van de week kregen we nog een aanbieding voor een paar ganzen en eenden. Dan maken we er een kleine kinderboerderij van en goed voor de bewaking, die ganzen dan.
En dan misschien ook nog van die leuke kleine konijntjes waar de kinderen zo leuk mee kunnen knuffelen. En wij met de Kerst op kunnen eten. O nee, ik houd niet zo van konijn. Nou dan gaan we daar mee fokken. Zo schattig die kleine witte bolletjes. Of misschien moeten we wel Angorakonijntjes nemen dan kan ik de vacht gebruiken om te spinnen. O, maar dat is een goed idee. Angorageiten. Dat zijn echt schatjes om te zien en daar heb je wol van en melk. Gelijk even mailen wat ze kosten. Oeps, dat is behoorlijk aan de prijs.
Ho, stop! Back to reality. Even met de beide beentjes terug op aarde.
De zon schijnt weer in de kamer en we hebben er weer zin in. Maar buiten begint het weer te sneeuwen en het wordt weer kouder. ’s Nachts alweer -7.
Wie belt er morgen om ons weer wakker te schudden?

| Reageren niet mogelijk

Natte voetjes

Van de week moesten we naar het dorp. Het heeft hier niet een beetje geregend en met de gesmolten sneeuw erbij lijkt het alsof het Balatonmeer zich verplaatst heeft. Onze wegen zijn dan ook één vieze klei blubbertroep.
We nemen de alternatieve route.
Als we langs het weiland van de buren rijden zien we dat er een kleine afgraving is geweest. Het zand is verplaatst naar de weg.
We ploeteren door en schuiven bij de eerste bocht al teveel naar de andere kant. Gelukkig is Fred ervaren genoeg om dit op te vangen en zitten we al snel weer keurig in het door onze voorganger gemaakt spoor.
Het lijkt wel een rit in een boemel treintje maar wel met een door een amateur gemaakt spoor. Het is niet overal even recht en breed. De modderspatten komen tot aan het dak van de auto.
Als we naar links moeten afslaan twijfelen we tussen terug gaan en afwachten tot morgen of een schietgebedje. De weg naar links heeft diepe geulen en menig peutertje zou hier prachtige kleifiguren van kunnen maken. Of misschien zelfs wel een buikglij. Een absoluut snelheidsrecord zou gevestigd kunnen worden.
We besluiten door te rijden en het is even stil in de auto als Fred zich concentreert op alle valkuilen die hij tegen komt.
Halverwege is het pad gelukkig goed te bereiden en komen we toch nog heelhuids aan in het dorp.
Maar we moeten ook weer terug. Als we op de alternatieve route rechtdoor willen rijden komen we het meeste zand tegen van de afgraving. De weg is overdwars afgegraven. Een diepe gleuf is zichtbaar waardoorheen het water snel van de ene kant van de weg naar de andere kant stroomt. Onze buren moeten helemaal omrijden. Dankzij de gemaakte gleuf zitten ze bijna op een eiland. Dat is even schrikken.
Met moeite kunnen we keren en zijn blij als we thuis zijn.
Het landschap is veranderd van een droge dorre vlakte in de zomer naar een uitgestrekt merengebied. Het zal mij benieuwen of dit van het jaar invloed heeft op de vogels en de planten.

21 januari 2011 | Reageren niet mogelijk

Zelf dokteren

Het is fout. Ik weet het maar ik kan het gewoon niet laten.
Een aantal weken geleden had ik last van m’n wreef op m’n rechtervoet. Kon er amper op staan. Eigenwijs als ik ben dacht ik, het gaat wel weer over. Ik kwam er al gauw achter, via internet, dat dit niet vanzelf over zou gaan. Helaas, ik moest naar de dokter.
Onze dokter is heel kundig maar heeft geen zelfvertrouwen. Hij spreekt Duits maar dan kijkt hij er altijd zo diepbedroefd en schuldbewust bij. Dus als ik m’n voorbereidingen goed heb gedaan dan “versta” lees, begrijp ik hem beter.
Het vreemde is dat toen ik hem zei dat ik pijn had op mijn voet hij op plaatsen ging drukken die niet zeer deden. Dat zei ik hem ook. En toch kwam ook hij tot de conclusie dat het een peesontsteking was. Geen flauw idee waar hij het vandaan had gehaald.
Ik kreeg een zalfje voorgeschreven en het zou met drie dagen over zijn. Ik vertrouwde hem voor geen cent dus even de Nederlandse gebruiksaanwijzing, via internet, erbij gezocht. Zou minimaal een week duren. Dus druk smeren en inderdaad met een weekje was het over.
Nu heb ik sinds een paar dagen een irritante buikpijn. Moe, rillerig, algemeen vervelend gevoel dus. Weekend voor de deur. Dus toch maar weer naar de dokter. Ik kom er bijna nooit en dat bleek wel want ik stond nog niet eens in zijn systeem. Dat zalfje hoeft niet genoteerd te worden.
Ik was tot de conclusie gekomen, via internet weer, dat het deze keer wel es een blaasontsteking zou kunnen zijn. Mij benieuwen of hij er ook achter zou komen. Ik twijfelde of ik nog een plasje mee zou nemen. Maar ik wilde hem geen hint geven.
En ja hoor. Onze dokter kun je niet voor de gek houden. Hij ging achter mij staan. Klopte op m’n linker zij en daarna op m’n rechter. Of hij nou een spier had geraakt rechts. Geen idee maar ik voelde wel een ietsiepietsie. En dat gecombineerd met m’n lage buikpijn=een blaasontsteking. Plasje inleveren? Welnee, niet nodig hoor.
Ik ben trots op onze dokter!

| Reageren niet mogelijk

Kerstkaartje

Van de week kwam er nog een verdwaald kerstkaartje binnen. Hij had er drie weken over gedaan. En dat van iemand die nooit kaartjes stuurt. Dus ik ga hem bewaren en volgend jaar zet ik hem als eerste op de kast.
Dit jaar stond de kast goed vol. Maar ook per e-mail kwamen de wensen in groten getale binnen. Favo dit jaar was een interactief kaartje met een sneeuwman die je zelf op moest bouwen. Herken je het kaartje en heb jij die verstuurd dan was je één van de 15. :-)
Psychologen beweren dat een kerstkaart meer over iemand zegt dan bijvoorbeeld zijn baan, huis of auto.
Zo komt een klassiek sneeuwlandschap waarschijnlijk van een ambitieus persoon en kiezen hoog opgeleiden vaak voor kleine kaartjes met ingewikkelde designs.
Roodborstjes of bloemen worden door voorzichtige mensen verstuurd die vooral niemand voor het hoofd willen stoten en mensen die humoristische kaarten versturen zouden arrogant en ongevoelig zijn. Religieuze onderwerpen duiden weer op een eerbiedige afzender.
En zo zou de afzender met een extreem grote kaart om aandacht vragen.
Of hij zou op willen vallen met een aparte of bijzondere kaart. Of indruk maken met een kaart die gekocht is t.b.v. een goed doel.
En dan de gebruikelijke telling hoeveel we dit jaar hebben gehad.
Van die ene tante weer niks maar ja daar krijg je ook nooit van. Die “doet” er niet aan. Volgend jaar sturen we niet meer hoor.
En de kritiek op alle kaartjes is niet uit de lucht.
Weer zo’n zelf gemaakt prutsding van de buurvrouw. Het ziet er niet uit en dan dat gedichtje…
En die kennis waarvan we het niet hadden verwacht. Jeetje een kaart van wel drie! Euro.
En de kaart van het werk? Zo onpersoonlijk. Maar ja ze moeten wel.
We hebben zelf niet gestuurd. We vinden de keuze aan kaarten erg beperkt. En daar komt dan bij dat de kaartjes ook niet allemaal aankomen.
Dus vandaar onze wensen via de nieuwsbrief.
Onze keuze in de kerstkaart.
Conclusie: een kerstwens zegt veel meer dan alleen het voorgedrukte zinnetje ‘Vrolijke Kerst en gelukkig Nieuwjaar’.
Bekijk ze nog maar es goed.

Pindakaasvloer

Ja, je leest het goed. Een stuk vloer besmeert met pindakaas. Als ik nou toch één ding verspilling van eten vindt en doodzonde is een vloer besmeren met pindakaas.
Wij maar iedere keer aan iedereen die hier naar toe komt een pot pindakaas vragen om mee te nemen en dan wordt het gewoon op de vloer gesmeerd.
En we noemen het ….een kunstwerk!
Nou vraag ik je?
Museum Boymans van Beuninghe heeft “het kunstwerk” idee gekocht van Wim T. Schipper. Ja, inderdaad die van Sjef van Oekel voor de oudere lezers maar hij heeft ook z’n stem gegeven aan Ernie en Kermit de Kikker in Sesamstraat.
Het ligt daar gewoon op de grond in het museum. En mocht je even niet opletten dan zit je er mooi aan vast of glijd je erover uit.
Misschien een tip: Neem wat boterhammen mee voor een goedkope lunch. Wel even opletten dat er geen vieze dingen inzitten als plakkerige kauwgom of misschien hondenpoep of zo achtergelaten van een schoen.
Wat voor merk pindakaas zouden ze daarvoor gebruiken. Er zal wel een hoop op gaan. Zo’n onbekend huismerk want we moeten wel op de centjes letten. Of misschien hebben ze wel Calvé benaderd? Het idee kost wat geld maar de inhoud is misschien wel gratis. Ja, dat museum is natuurlijk niet helemaal gek.
Wat zal het volgende kunstwerk zijn wat ze aankopen?
Iets met koffie? Uhmmm. Is wel leuk voor de Douwe Egberts. Doen we er nog gratis koffie bij voor de bezoekers. Lekker bij dat boterhammetje pindakaas.
Of nee, ik weet het al. Een hele grote wasmachine. Met een trommel van 30 kilo die de hele dag een was draait. En mocht je interesse hebben dan kun je je eigen was ook inleveren. En dan laten we dat sponsoren door de Unilever. Zo’n machine moet wel op de kop te tikken zijn. Of anders laten we die nog even maken door een technische school als afstudeerproject.
Zeg, Boymans mocht je het idee willen gebruiken. Het is te koop hoor. Stuur maar een e-mailtje dan maken we even een leuk prijsje. En nee dank je, niet tegen inruil van je pindakaasvloertje.

Drank maakt meer kapot…

Dinsdagmiddag
Ik ben aan het notenkraken en Fred is buiten aan het zagen…
De telefoon van Fred die naast me op de oplader ligt gaat af. Een onbekend nummer. Fred (??) aan de andere kant. “Ik ben bij Laci (de oude buurman). Jenö (de oom, begin 50, gescheiden) heeft 1,5 liter methylalcohol gedronken. Ik moet de ambulance uit de modder trekken… Dan weet je waar ik ben….”
Ik ben stom verbaasd. Heb ik er toch niks van gemerkt dat hij weg was.
Na een half uur gespannen wachten komt ie binnen. “Bizar!” is het enige woord wat hij uit kan brengen.
Hij had een doordringend geluid van een rondraaiende motor tijdens het zagen gehoord. Hij zag een witte auto aan het einde van de weg en dacht dat deze wel wat hulp kon gebruiken. Hij was met de auto naar de voorkant van de weg gereden. Daar zag hij dat het om een ambulance ging. Net op dat moment stapte de buurman eruit. Ze zaten vast en waren op weg naar buurman’s oude huis.
Het bleek dat oom een fles koelvloeistof voor de radiator opgedronken had.
Nou lustte oom wel een glaasje. Fred heeft hem vaak genoeg meegenomen naar wat klusjes. Maar tijdens het werk mocht hij niet drinken van Fred. En daar hield hij zich keurig aan. Een goede, harde en nauwkeurige werker met verstand van zaken.
Inderdaad lag oom in de schuur onder een dikke deken. Lijkbleek. De broeder vreesde het ergste toen hij naar de hoeveelheid vloeistof keek die nog in de fles zat.
Een helikopter bellen leek ze de beste oplossing. Maar die was helaas niet beschikbaar. Dus moest de terugweg toch weer via dezelfde weg gedaan worden. Nee, Fred mocht absoluut niet weggaan.
En wat ze voorspeld hadden gebeurde inderdaad. De eerste trekkabel brak doordat de ambulance van de weg afgleed. Even duwen dan maar? Maar nee, zij waren er voor de patiënt dus geen vuile handjes. Op de grote weg met gillende sirenes weg.
Woensdag lag hij nog op de intensive care. Donderdag was hij alweer bij zijn moeder.
Fred heeft z’n leven gered. Of hij er blij mee is…

13 januari 2011 | Reageren niet mogelijk

Buren

Zondagmiddag.
Uit zichzelf kwam hij er niet mee. Maar nu kon hij niet anders. Hij zat vast met de auto en belde Fred om hem eruit te trekken. Een zwaarbeladen auto.
Ze gingen verhuizen, ons buurgezinnetje met 5 kinderen. Hij had een huis gekocht in Lakitelek, een dorp 15 km. bij ons vandaan.
Nee, hulp had hij niet nodig. Maandag kwam de tractor en die hielp hem wel verder.
We waren hoogst verbaasd.
Hij had het terrein mooi gemaakt. Kippen hadden ze gekregen van de burgemeester omdat ze toch zo moeilijk rond konden komen. Hij had ze uit eigen zak betaald. We hebben een hele sociale burgemeester.
Maar van meerdere kanten werden ze geholpen. Niet alleen met eten maar ook met kleding.
Ik ben nog bij ze op bezoek geweest voor de jongste. De keren dat Fred hem heeft moeten helpen ergens mee is ontelbaar. Dit was niet de eerste keer dat Fred hem uit de modder heeft moeten trekken, maar misschien wel de laatste…
We waren nieuwsgierig of ze ook nog officieel afscheid van ons zouden nemen.
Het is nu donderdag. We hebben niemand meer gezien. Het terrein is verlaten. De kasten liggen stukgeslagen verspreid. En overal liggen nog spullen. Ze zijn met stille stom vetrokken. Een chaos achterlatend.
Maandagmorgen toen ik de meiden uitliet kwam ik de oom nog tegen van de buurvrouw. Hij woonde in het kleine huisje op het terrein. Hij kwam me tegemoet met een kruiwagen. Zijn schouders naar beneden. Het petje wat Fred hem had gegeven had ie voor zover mogelijk over z’n oren getrokken. Hij begroette me met een beleefd gemurmeld csókolom, drie tonen lager dan normaal, en vertelde dat de familie ging verhuizen. Ik vroeg hem waar hij naar toe ging. Maar daar kwam geen duidelijk antwoord op. Ik had geen zin in negativiteit. Ik heb m’n eigen sores. Het was hun beslissing. Ik vervolgde m’n weg. Z’n afscheids-csókolom bleef in de lucht hangen.
Fred zegt altijd: je kijkt ze wel vóór de kop maar niet in de kop. Hij heeft weer es gelijk gehad.

| Reageren niet mogelijk